Verzet vanuit ‘De Keup’ op kerkelijke indeling bij Egchel

De geschiedenis van het kerkdorp Egchel begint pas na de Tweede Wereldoorlog. Voor die tijd behoren de woningen hier tot Helden-Dorp. Diverse huishoudens op ‘de Keup’ waren niet blij toen men bij de kerkelijke indeling bij Egchel werd ingedeeld.

Omdat de moederkerk in Helden moeilijk bereikbaar is voor de huishoudens van Egchel, vanwege de slechte wegen, wilde men een eigen kerk bouwen. Men bracht hiervoor geld bij elkaar en de bevolking van Egchel hielp bij het bouwrijp maken van de grond waarop de kerk gepland was.

Begin 1948 legt de bisschop van Roermond, Mgr Guillaume Lemmens, de eerste steen en in augustus van datzelfde jaar is de kerk al klaar. Ze wordt toegewijd aan St. Jacobus. Dit is een eerbetoon aan kapelaan Jac Naus, die in Egchel geboren is en een belangrijke rol speelde in het verzet tijdens de oorlog. Hij werd in 1944 door de Duitsers gearresteerd en overleed in het concentratiekamp Bergen-Belsen.

Karakteristiek is het verhaal van Engelbert Zelen (1896-1985), in de volksmond ook ‘Dorrusse Ingel’ genoemd. Hij was getrouwd met Willemina (Mien) Janssen (1908-1991), een zus van mijn grootvader.

Als de Keup door het bisdom bij Egchel wordt ingedeeld is ‘Dorrusse Ingel’ daar faliekant op tegen. Zijn verzet loopt zelfs zo ver op dat hij afreist naar Roermond om bij Bisschop Lemmens te pleiten dat de Keup bij de moederkerk van Dörp moet blijven.
De bisschop ontvangt hem in audiëntie.

Ingel: “Mijnheer de Bisschop, mijn vader ligt in Dörp begraven. Mijn moeder ligt in Dörp begraven. En de ouders van mijn vader en moeder liggen ook in Dörp begraven. Ik wil bij de èchte kerk van Dörp blijven want daar hoor ik thuis.”

De bisschop: “Mijnheer Zelen, we hebben de Keup bij Egchel ingedeeld want de kerk daar is dichterbij dan die van Dörp.”

Ingel vervolgt: “Dat hebt u mis mijnheer de Bisschop. Ik heb het zelf vanaf mijn huis ‘getrèje’ (het aantal stappen geteld, red.). naar Dörp en ook naar Egchel en de kerk van Dörp is echt dichterbij!”

 De Bisschop al hoofdschuddend: “Ik zal voor u bidden mijnheer Zelen.”

Ingel tot slot: “’t Zal neet bate, Biesjop, ’t Zal neet bate!”

In de biografie die in 2008 van Mgr Lemmens verscheen, beschrijft Pierre Bronneberg dat de bisschop een man was die nauwelijks tegenspraak duldde. Engelbert heeft dat blijkbaar aan den lijve moeten ondervinden.

Het tij kan ook anders lopen, want jaren later werd Engelbert Zelen een van de meest trouwe aanhangers van het kerkdorp Egchel. Zoon Harry was zelfs kerkmeester in Egchel. En omdat hij zoveel werk verzette voor de parochie werd hij alom gewaardeerd en noemden de mensen hem ‘hulp-pastoor’. Het kan verkeren…

Foto bouw kerk Egchel: Jos Engels

Geheimtaal om ‘de Pruus’ om de tuin te leiden

Begin oktober 1944 voerden de Duitsers razzia’s uit in Noord-Limburg. Het doel was om gevangenen voor dwangarbeid af te voeren naar Duitsland. Ook op De Keup in Helden werd door de soldaten gezocht naar mannen die konden worden ingezet voor de Duitse oorlogsmachine. Maar Ome Mart, een broer van mijn grootvader, wist net op tijd te ontsnappen.

Mart Janssen vluchtte het veld in achter de boerderij en hield zich daarna nog schuil in de bosjes. Het was een spannend gebeuren want de Duitsers zochten nog dagenlang naar ‘deserteurs’. Maar Ome Mart was hun toch te slim af.

Met de dames op De Keup had hij de volgende afspraak gemaakt: ‘Als de was buiten op de draad hangt is het niet veilig, dan zijn de Duitsers in de buurt. Zo gauw als de kust (redelijk) veilig is gaat de was van de draad. Dan kun je even naar huis komen om snel wat te eten, maar dan weer snel naar je schuilplaats.’

Of was het nou precies andersom: was op de draad betekent veilig en was binnen is onveilig? We moeten het hebben van de overleving, maar hoe het ook zij, de afspraak werkte voortreffelijk.

Na enkele dagen gaven de Duitsers het zoeken op. Ome Mart was, wonder boven wonder, ontsnapt aan deportatie naar Duitsland.

Tijdens de moeilijke periode dat Ome Graad, een andere broer van mijn grootvader, in Duitsland was, hield hij samen met Tante Mien Oomen het boerenbedrijf op De Keup gaande.

U kunt de inhoud van deze pagina niet kopiëren